Wat te denken van een zonnige strandvakantie hoog op de flank van een  vulkaan? Een strandvakantie is niet moeilijk voor te stellen, miljoenen mensen doen niet anders, maar zoiets boven op een vulkaan ligt toch minder voor de hand, zou je denken. Of toch....? 
 

 


 

Er zullen maar weinig mensen zijn die bij het boeken van een zon- en zeevakantie op de Canarische eilanden meteen aan vulkanen denken. En helemaal niet als zo’n strandvakantie doorgebracht wordt heel hoog op de flank van een vulkaan. Zand, zee en strand zijn de voornaamste ingredienten waardoor de Canarische eilanden bij toeristen zo in trek zijn. Onduidelijk blijft bij de meesten dat deze eilanden in feite de toppen vormen van enorme onderzeese vulkaancomplexen. In een enkel geval, zoals op Tenerife, is het vulkanisme duidelijk. Vrijwel van overal is de karakteristieke top van de vulkaan te zien. De Pico de Teide torent bijna 4000 meter boven de zeespiegel uit. Ook op Lanzarote zijn vulkanische verschijnselen vrijwel niet te vermijden. Op de andere eilanden is het allemaal wat minder duidelijk. 


 

Tenerife is samen met Gran Canaria een van de populairste vakantiebestemmingen op de Canarische eilanden, zowel 's zomers als 's winters. Het klimaat is er zeer gelijkmatig. Men spreekt op deze eilanden wel van 'eeuwige lente'. In het zuiden van Tenerife is Playa de Las Americas met het voormailge vissersplaatsje Los Christianos bij toeristen erg populair.

Op de achtergrond is de bruine trachietdome van Montana de Guaza zichtbaar. Het trachietgesteente is lichtgeel van kleur en voelt op het breukvlak ruw aan. In de omgeving van deze trachietheuvel komen afzettingen voor van lichtgele puimsteentuf (bims), ook van trachietische samenstelling.

In het zuiden van Gran Canaria en vooral op Fuerteventura komen kilometers lange natuurlijke stranden voor. Op de andere eilanden zijn stranden betrekkelijk zeldzaam. De meeste zijn klein en liggen in inhammen en baaien. Sommige stranden, zoals hier op Tenerife bij San Andres aan de rand van het Anagagebergte, zijn kunstmatig aangelegd. Het wegspoelen van het aangebrachte zand wordt door dammen tegengegaan.

De top van het eiland Tenerife wordt ingenomen door de vulkaan Teide met bovenaan de ruim 100 meter hoge besneeuwde top La Rambleta. De Teide zelf is zo'n 1500 meter hoog. Het is mogelijk om met de kabelbaan tot aan de voet van La Rambleta op ruim 3600 meter hoogte te komen. Vanaf dat punt is het uitzicht adembenemend.

Op sommige plaatsen, zoals op El Hierro, La Palma, Gomera en op Anaga op Tenerife komen nog restanten voor van natuurlijk bos. Het zijn restanten laurierbos die op sommige plaatsen door grote struiken boomheide worden gedomineerd.

Het noorden en noordwesten van de eilanden ontvangen veel vocht uit passaatwolken. Vochtdruppeltjes in de wolken zetten zich af op takken, twijgen en bladeren van bomen. Vooral bossen met Canarische pijnbomen zijn belangrijke vochtvangers. Hoewel er zo nu en dan flink wat regen kan vallen, zijn de eilanden voor hun watervoorziening voornamelijk afhankelijk van dit natuurlijke proces, waarbij de vegetatie vocht uit wolken 'aftapt'. 

 


De Canarische eilanden bestaan uit een archipel van zeven grote en een aantal kleinere eilanden. Alle zijn ze van vulkanische oorsprong. De eilanden vormen een gordel op korte afstand voor de westkust van Marokko. Het oostelijkste eiland, Fuerteventura, ligt iets meer dan 100 km verwijderd van het vasteland, met Lanzarote vlak daarbij. Geologisch gezien vormen beide eilanden één geheel. De smalle zeestraat tussen Lanzarote en Fuerteventura is amper 40 meter diep, terwijl de oceaanbodem rond de andere eilanden duizenden meters dieper ligt. Het meest westelijk gelegen eiland, El Hierro, ligt een kleine 500 km verderop in de oceaan. Voorbij El Hierro is er slechts water, duizenden kilometers oceaan. De eerstvolgende ‘halte’ is Amerika. 

 

De Canarische eilanden vormen een archipel waarvan het meest oostelijk gelegen eiland Lanzarote een slordige 100 kilometer voor de kust van Marokko in de Atlantische Oceaan ligt. De eilandengroep bestaat uit zeven grote en een aantal kleinere eilanden. Deze laatste zijn meest onbewoond. Alle eilanden zijn van vulkanische oorsprong.

Alle Canarische eilanden vormen de boven water uitstekende toppen van enorme vulkaancomplexen die in het geologische verleden op de bodem van de Atlantische oceaan zijn ontstaan. De oceaanbodem rond de eilanden is duizenden meters diep. Van links naar rechts zijn op de foto La Palma, La Gomera, Tenerife, Gran Canaria, Fuerteventura met daar boven het eiland Lanzarote zichtbaar. Het kleine eiland links onderaan is El Hierro. Twee jaar geleden werd dit eiland nog getroffen door onderzeese vulkanische uitbarstingen die begeleid werden door vele honderden aardbevingen.





 

Het Canarische landschap

De Canarische eilanden tonen een spectaculaire afwisseling aan landschappen. Ieder eiland is wat dit betreft uniek. Je hebt er hooggebergtelandschappen, prachtige groene valleien, fraaie stranden en indrukwekkende klifkusten, naast gebieden die het karakter hebben van een halfwoestijn. Deze laatste komen we vooral tegen in het zuiden en zuidwesten van Tenerife, Gran Canaria en op de oostelijke eilanden Lanzarote en Fuerteventura. Ook zijn er uitgestrekte, desolate en vrijwel onbegaanbare lavavelden en diepe groene ravijnen met op enkele plaatsen nog restanten van subtropische endemische bossen. Kortom, liefhebbers van bijzondere landschappen komen op de Canarische eilanden aan hun trekken.
 

 

 

La Gomera staat bekend om zijn prachtige endemische laurierbossen in het Parque National de Garajonay. Het bos vormt een restant van een bostype dat miljoenen jaren lang in het Tertiair grote delen van Zuid-Europa bedekte. Op de eilanden El Hierro, La Palma, La Gomera en Tenerife komen nog een aantal restanten voor van dit weelderig type loofbos. Hetzelfde bostype komt ook voor op Madeira en de Azoren.

Het laurierbos in Parque National de Garajonay op La Gomera ligt in de wolkenzone van de noordoostpassaat. De bomen en struiken 'vegen' als het ware het water uit de wolken en voorzien zo in hun waterbehoefte. Bijzonder is dat het op La Gomera mogelijk is om met de auto door dit soms kletsnatte laurierbos te rijden.


 

De zuidelijke ligging in de Atlantische Oceaan voor de kust van Marokko maakt dat de eilanden een mild, zeg maar subtropisch klimaat hebben met het hele jaar door aangename temperaturen. Wel zijn de eilanden die het dichtst bij het Afrikaanse vasteland liggen vooral in de zomer warmer dan de eilanden meer naar het westen. In de winter ligt de gemiddelde maximumtemperatuur tussen de 18 en 20°. Dit maakt begrijpelijk waardoor de Canarische eilanden al vele tientallen jaren de favoriete vakantiebestemming zijn voor miljoenen Europeanen.
 

Barranco de Guayadeque op Gran Canaria. 

Barranco's zijn diep ingesneden ravijnen die op de hellingen van de eilanden door erosie zijn ontstaan. Ze stralen vanuit het hoge centrale deel van de eilanden uit naar zee. In de richting van de zee worden barranco's breder en ook steeds dieper.

Op veel Canarische eilanden tref je naast oude, sterk geërodeerde vulkaanlandschappen ook vulkanische verschijnselen aan die betrekkelijk kort geleden zijn ontstaan.

Op de foto is een tefravulkaan te zien met daarvoor een lavaveld die uit zeer ruwe basaltische Aa-lava bestaat. Deze en andere vulkanische fenomenen zijn bijzonder goed te zien in het natuurpark Timanfaya op Lanzarote. Het lavaveld op de foto dateert uit de eerste helft van de 18e eeuw, toen in de jaren tussen 1730 en 1736 een groot deel van Lanzarote door vulkanische erupties werd geteisterd en onder lava bedolven werd.

Kustkliffen bij Valle Gran Rey op la Gomera.

Waar geologisch oude vulkanische gesteenten aan zee grenzen vormen deze door golfslag-erosie vaak zeer steile, soms honderden meters hoge kliffen.

Erosiedal met Canarische pijnbomen aan de rand van de Caldera de Taburiente op La Palma. 

Deze wereldberoemde 'caldera' met zijn prachtige uitzichten is geen vulkanisch fenomeen, het enorme kraterachtige keteldal is ontstaan door het in zee afglijden van enorme massa's vulkanisch gesteente. Dergelijke gebeurtenissen veroorzaken enorme littekens in het eilandlichaam. Geologisch gezien komen bergstortingen en afglijdingen als deze op de Canarische eilanden regelmatig voor.


 

Er is nog iets dat deze eilanden bijzonder maakt. Ze liggen zo zuidelijk dat de eilanden te maken hebben met passaatwinden. Deze vrijwel permanent uit het noordoosten waaiende wind maakt dat de zuid- en zuidwestzijde van de grotere eilanden in de wolken- en regenschaduw ligt. Het gevolg is een gortdroog, halfwoestijnlandschap, dat een opvallend contrast vormt met het veel vochtiger, groene noorden van de eilanden.  

 

Het zuiden en zuidwesten van het eiland Tenerife liggen in de regenschaduw en zijn daardoor gortdroog. De vochtbrengende passaatwolken komen doorgaans niet over de top van het eiland. De vegetatie in dit halfwoestijnlandschap is aan de droogte aangepast. De plantengroei bestaat voornamelijk uit succulenten, waaronder talrijke euphorbiasoorten.

In tegenstelling tot de zuidkant zijn het noorden en noordwesten van de eilanden veel vochtiger en doorgaans groen. Op de foto zijn hellingbossen met voornamelijk Canarische pijnbomen zichtbaar met op de achtergrond de dicht bewoonde Orotava vallei. De naaldbomen zijn essentieel voor de vochtvoorziening van Tenerife.

Het gortdroge halfwoestijnkarakter is bijzonder indrukwekkend in het zuiden van Gran Canaria, waar tussen Playa del Ingles en Maspalomas een uitgestrekte zandzee aanwezig is met prachtige, steeds wisselende zandduinen.

Laurierbos met mosbegroeiing en een uitbundige onderbegroeiing van kruidachtige planten en varens op de landengte van Anaga in het noordwesten van Tenerife. Hoewel de eilanden niet erg groot zijn, komen er sterk contrasterende landschappen voor.


 

De eilanden op een rij

Lanzarote en Fuerteventura liggen dicht onder de Afrikaanse kust en zijn over het algemeen gortdroog. Qua klimaat staan ze onder invloed van de Afrikaanse Sahara. Hete, droge winden en dagenlang durende stofstormen die van het vasteland de Atlantische Oceaan optrekken, kunnen het verblijf op de eilanden van tijd tot tijd onaangenaam maken. Daar staat tegenover dat de gemiddelde temperatuur op deze eilanden het hoogst is en dat de zon er het vaakst schijnt.  
 

 


Fuerteventura, Lanzarote

Fuerteventura en Lanzarote zijn geologisch gezien van alle Canarische eilanden het oudst. Ze zijn respectievelijk 20,2 en 15,6 miljoen jaar geleden door vulkanische activiteit op de bodem van de Atlantische Oceaan ontstaan en pas miljoenen jaren later boven water gekomen. De ontwikkeling van de eilanden heeft zich in fasen voltrokken. Perioden met actief vulkanisme wisselden af met zeer langdurige perioden van erosie. Dit laatste heeft tot gevolg gehad dat zowel Fuerteventura als Lanzarote sterk afgevlakt zijn. Hoge vulkaantoppen komen er niet (meer) voor. Van de oude, oorspronkelijk aanwezige vulkanen zijn verspreid op de eilanden nog restanten bewaard gebleven.


 

Fuerteventura is het grootste eiland van de Canarische archipel. Het klimaat is door de korte afstand tot het vasteland van Afrika doorgaans heter en ook droger dan de meer naar westen gelegen eilanden. Het lichtgele gedeelte op de foto vormt de verbinding tussen het eigenlijke eiland en het schiereiland Jandia. Deze verbinding is geologisch nog erg jong en kwam op natuurlijke wijze tot stand. Fuerteventura bezit kilometers lange zandstranden. Het binnenland is vrij laag, zonder hoge vulkaantoppen en doorgaans erg dor.

Kaart van Fuerteventura met aan de oostkust de hoofdstad Puerto del Rosario. De vulkanisch oudste delen van het eiland liggen in het zuiden (Jandia), in het zuidwesten (Cuchillos de Vigan) en aan de westkust (Betancuria). Deze drie gebieden vormen de miljoenen jaren oude restanten van oorspronkelijk drie afzonderlijke vulkanen waaruit Fuerteventura is ontstaan.

Voor zon- en strandaanbidders is Fuerteventura een uitgelezen oord, mits men in de zomer de vrij hoge temperaturen voor lief neemt en de gedurig optredende stofstormen die zand en vooral stof aanvoeren uit de nabijgelegen Sahara. 

Rustzoekers komen op Fuerteventura aan hun trekken. Vooral in het zuiden kom je op de kilometers lange zandstranden nauwelijks mensen tegen.

Lanzarote ligt van alle Canarische eilanden het dichtst bij de Afrikaanse kust. Dit is te merken aan het landschap. De hoge temperaturen in de zomer plus de droogte maken dat grote delen van het eiland een dorre indruk maken.

Kaart van Lanzarote met aan de oostkust de hoofdstad Arrecife. Het grote groene gebied in het zuidwesten van Lanzarote is het vulkaangebied Timanfaya waar in de jaren 1730 tot 1736 enorme hoeveelheden basaltische lava zijn uitgevloeid. Hierbij zijn een negental dorpen van de aardbodem verdwenen en werd het omgevende akkerlandschap volkomen vernietigd.

Montanas del Fuego ofwel 'vuurbergen' is een bijzonder fraai vulkanisch gebied in het natuurpak Timanfaya op Lanzarote. De 'vurige' kleur wordt veroorzaakt door oxidatie van ijzerhoudende bestanddelen in het basaltische materiaal. Dit landschap is ontstaan in de eerste helft van de 18e eeuw toen een groot gebied op Lanzarote door jarenlang aanhoudende vulkaanuitbarstingen onder dikke lagen basaltische lava werd bedolven. 

Salinas de Janubio. In het noorden van Lanzarote, in de buurt van Playa Blanca, heeft men zoutpannen aangelegd. Hier wordt zeewater ingelaten dat door het droge klimaat verdampt en een laag zout achter laat. Het zout wordt als zeezout o.m. voor consumptiedoeleinden gebruikt. Men pekelde er eerder ook vlees en vis mee.


 

Tenerife

Van de zeven grotere Canarische eilanden is Tenerife het grootst. Gerekend vanaf de zeebodem vormt dit eiland met zijn hoogte van ruim 7000 meter op twee na de hoogste vulkaan op aarde, alleen de Mauna Loa en de Mauna Kea op Hawaï zijn nog hoger. Het hoogste punt op Tenerife is de top van de Pico de Teide. Deze vulkaan heeft zich in een vrij laat stadium ontwikkeld in de grote Canadas caldera en reikt tot 3718 meter hoogte. De Teide is daarmee ook de hoogste berg van Europa. 
 

 

Tenerife is op een na het grootste eiland van de Canarische archipel. Het aanzicht van het eiland wordt bepaald door geleidelijk oplopende vulkaanhellingen met aan de top de imposante Teide-vulkaan. De lichte gedeelten op de satellietfoto zijn droge halfwoestijnlandschappen. Deze gortdroge gebieden liggen in de regenschaduw van het eiland. De noord en noordwestkant van Tenerife is veel vochtiger door vochtbrengende passaatwinden. De donkergroene delen op de noordzijde van het eiland zijn bossen van de Canarische den. Met hun lange naalden vegen deze bomen veel vocht uit de wolken. De bossen zijn van levensbelang voor het eiland en zijn bewoners.

Vrijwel overal op Tenerife is de imposante vulkaankegel van de Teide zichtbaar. Hier is de ca. 1500 meter hoge vulkaan gefotografeerd aan de oostrand van de Canadas caldera bij El Portillo. Op de voorgrond roestig geoxideerde basaltische afzettingen met links een dunne laag ruwe Aa-lava met daaronder gelaagde afzettingen van basaltische lapillituf.



 

Zo'n 100 meter onder de top van de Teide heeft zich in het recente verleden in een kleine caldera een nieuwe vulkaantop ontwikkeld (La Rambleta). Op de flank van de Teide is een kabelbaan aangelegd, waarmee men tot een hoogte van 3600 meter kan komen. Van daaruit is het uitzicht adembenemend. Hier is goed te zien dat de grote caldera, waarin de Teide zich heeft ontwikkeld, voor een deel bedekt is door betrekkelijk recent uitgevloeide lavastromen. Ook het zicht op de kraterwand van de caldera met aan de rand steil oprijzende rotswanden is indrukwekkend.
 

Vulkanische verschijnselen zijn op Tenerife bijzonder goed waar te nemen. Deels komt dit door de hoogte van het eiland, waardoor begroeiing schaars is. Voorts veroorzaakt de regenschaduw dat het zuidwestelijke en zuidelijke deel van het eiland het karakter heeft van een halfwoestijn. Op Tenerife treffen we jong-vulkanische landschappen aan naast oeroude vulkaanresten. Deze laatste zijn te herkennen aan hun sterk geërodeerde karakter en de diepe ravijnen die in het vulkanische gesteente zijn uitgesleten. Waar deze oude vulkaanresten aan zee grenzen (Tenogebergte en Anaga) rijzen soms honderden meters hoge kliffen uit zee op.
 

Uitzicht vanaf 3600 meter hoogte over de grote Canadas caldera en zijn steile rotswanden. Op de foto zijn verschillende lavauitvloeiingen over de calderavloer duidelijk zichtbaar. Op de achtergrond is het koepelvormige eiland Gran Canaria te zien.

De top van de Teide wordt gekroond door de Rambleta. Dit is een kleine, iets meer dan 100 meter hoge vulkaankegel die zich ontwikkeld heeft in de brede kratermond van de Teide.

De steile hellingen van de Canadas caldera vormen een opmerkelijk contrast met de vlakke Llano de Ucanca, die de vloer van de caldera vormt. Rechts zijn donker gekleurde subrecente lavauitvelden te zien van de vulkaan Pico Viejo.

De imposante en kleurige rotsformatie van Roques de Garcia in de Canadas caldera is een gewild excursiedoel. De grillige rotsen zijn meest van trachiet. Ze vormen restanten van het oude vulkaanlichaam dat voordat de grote caldera met daarin de Teide ontstond het eiland tot een hoogte van zeker meer dan 4500 meter domineerde.

Delen van Tenerife worden ingenomen door sterk geërodeerde vulkanische gesteenten. In het noordwesten vormen deze het Tenogebergte. In het oosten van Tenerife vormt het Anaga-gebergte een vergelijkbaar vulkanisch massief. Tenslotte zijn bij Adeje in het zuiden van Tenerife restanten van een derde oude vulkaan te vinden. Deze drie gebieden markeren een drietal oude vulkanen, die door vulkanische activiteiten samengroeiden tot het huidige Tenerife. De miljoenen jaren oude gesteenten zijn sterk geërodeerd en ingesneden door diepe ravijnen (barranco's). Op de foto is de barranco van Masca afgebeeld. Deze maakt onderdeel uit van het Tenogebergte.

Het noordwesten van Tenerife wordt ingenomen door miljoenen jaren oude restanten van een van de drie basaltische schildvulkanen die de basis hebben gelegd voor het huidige Tenerife. Dit oude vulkaangebied staat bekend als het Tenogebergte. Door golfslagerosie zijn in de harde basaltgesteenten zeer hoge en vrijwel loodrechte kliffen ontstaan, waar de oceaandeining voortdurend tegen aan beukt. Vooral noordelijk van Puerto de Santiago heb je vanaf Playa de los Guios een prachtig uitzicht op de Acantilados de los Gigantes, de indrukwekkende klifkust van het Tenogebergte.


 

 

Gran Canaria

 

Satellietopname van Gran Canaria. Het eiland is net als La Gomera vrijwel cirkelvormig. Opvallend is het sterk geërodeerde, ingesneden patroon van radiair verlopende erosiegeulen. Deze barranco's stralen vanuit het hoge midden van het eiland uit naar zee. Dat het eiland in feite een grote vulkaan vormt wordt uit de opname niet duidelijk. Een typische krater of caldera ontbreekt. Deze fenomenen zijn er wel geweest, maar zijn door langdurige erosie verdwenen.

Gran Canaria is na de zestiger jaren van de vorige eeuw in rap tempo door toeristen ontdekt als een perfecte plaats voor een 'zon-zand-zee-vakantie'. Het eiland is door een groot aantal wegen tot in alle uithoeken ontsloten.

 

Gran Canaria herinnert van een afstand door zijn vlakke koepelvorm nog het meest aan een schildvulkaan. Het eiland is iets minder groot (1532 km2) dan Fuerteventura. Als we Gran Canaria met een vliegtuig naderen dan valt de ronde vorm van het eiland op. Hoewel het eiland door erosie in de afgelopen paar miljoen jaar een sterk verweerde indruk maakt, bezit het eiland nog een klassiek vulkanisch profiel. Het hoogste punt, Pico de las Nievas (1949m), ligt centraal op het eiland. Vanuit dit hoge midden stralen talloze diepe ravijnen uit naar de kust. Deze ravijnen vinden we ook op de andere eilanden. Men noemt ze barrancos. In sommige kunnen prachtige wandelingen gemaakt worden. De zuid- en zuidwestkant van Gran Canaria ligt in de regenschaduw en maakt een gortdroge, woestijnachtige indruk. De plantengroei is daar op aangepast, er komen veel  succulenten voor waaronder talloze endemische soorten Euphorbia's; voor plantenliefhebbers is het daar goed toeven.
 

 

Het stuifduinlandschap bij Maspalomas in het zuiden van Gran Canaria vormt voor de Canarische eilanden een volstrekt uniek gebied. Je waant je in een zandsahara die omringd wordt door de zee. Door de wisselende winden ontstaan eendeels prachtige sikkelduinen, die bijna dagelijks van vorm en grootte veranderen, maar anderdeels zorgt wind er ook voor dat er fantastische ribbelstructuren in het zand gevormd worden. Het zand is geen kwartszand zoals bij ons, maar bestaat voor een klein deel uit kleine lavapartikeltjes en vooral uit afgeronde zandkorrels van kalk.

 

 

Het ruige, sterk geërodeerde vulkaanlandschap op Gran Canaria contrasteert met de pittoreske witte huizen met hun rode pannendaken. De karakteristieke Canarische dadelpalmen vormen opvallende elementen in dorpen en plaatsen op het eiland. 

Het is een bizar stuifduinlandschap tussen Playa del Ingles en Maspalomas in het zuiden van Gran Canaria. De wind stuift het zand op tot prachtige sikkelduinen, die men barchanen noemt. Op de flanken van de duinen zijn afhankelijk van wind en windrichting prachtige fotogenieke ribbelpatronen te vinden.

Barranco de Fataga. Barranco's zijn vanuit het centrale deel van het eiland brede en steeds diepere erosiegeulen op de flanken van het eiland. Water voeren ze maar zelden, maar tijdens korte, hevige buien kan er veel water door worden afgevoerd naar zee. De barranco dankt zijn naam aan het plaatse Fataga dat beroemd is om zijn prachtige Canarische dadelpalmen. 

Roque Nublo vormt door zijn vorm een opmerkelijk en van verre zichtbaar landschapselement op Gran Canaria. Met een hoogte van 1813 meter is het een van de hoogste punten op het eiland. De grillige rotsen zijn restanten van een serie hevige vulkanische uitbarstingen, zo'n 4,5 miljoen jaar geleden.


 

Een bijzonderheid van Gran Canaria is dat er in verhouding tot de overige eilanden veel ignimbrietische gesteenten voorkomen. Ignimbrieten zijn van vulkanische oorsprong en ontstonden uit gloedwolkafzettingen (pyroklastische stromen). Hoewel ignimbrieten ook uit los vulkanisch materiaal kunnen bestaan, zijn op Gran Canaria de meeste door versintering zo verhard, dat ze het karakter van stollingsgesteenten hebben. Op Gran Canaria zijn de ignimbrieten veelal fonolietisch van samenstelling, maar trachietische en zelfs rhyolietische varianten komen eveneens voor. Het relatief hoge kiezelzuurgehalte van deze gesteenten lijkt in tegenspraak met het van oorsprong basaltische vulkanisme op de eilanden. Men verklaart het voorkomen van ignimbrieten door magmadifferentiatie, waarbij in de magmakamers onder de vulkaan een scheiding van het basaltische magma plaats vond in lichtere en zwaardere bestanddelen.

 

Het sterk geërodeerde landschap bij Tejeda in het centrale deel van Gran Canaria vormt 'het dak' van het eiland. Het is moeilijk voor te stellen dat hier miljoenen jaren geleden een grote caldera moet hebben gelegen, die ontstaan was na een serie hevige uitbarstingen.

 

Het landschap rond Roque Nublo met zijn groene Canarische pijnbomen vormt een geliefd wandelgebied. Vanaf het platform bij de 67 meter hoge rotspunt van Roque Nublo heeft men een prachtig uitzicht.

Tussen de plaatsen Mogan en San Nicolas zijn bij Tasarte pal langs de weg prachtig gekleurde vulkanische afzettingen te zien. De fraaie blauwgroene kleur wordt door veel eilanders en toeristen voor koper aangezien. De kleuren van de ontsloten ignimbrieten en tufgesteenten hebben echter met koper niets van doen. Ze zijn veroorzaakt door hydrothermale omzetting van eerder gevormde vulkanische gesteenten. 

De opvallende, hoge slakkenkegel bij Galdar in het noorden van Gran canaria is een van de jongste uitingen van het vulkanisme op Gran Canaria. Het vulkanisme op het eiland is niet uitgedoofd, maar maakt een lange rustperiode door. De kale, droge kegel wordt aan de voet omzoomd door de plaatsen Galdar, links op de foto en La Atalaya, rechts. De top van de slakkenvulkaan is per auto bereikbaar.

De steile rotskusten aan de noordwestzijde van Gran Canaria getuigen van een zeer langdurige periode van erosie op dit deel van het eiland. 

 

Het Parque Natural de Tamadaba in het noordwesten van Gran Canaria vormt een prachtig door Canarische dennen gedomineerd landschap. Hellingen en ravijnen staan er vol mee. Het natuurgebied bevat een van de best geconserveerde pijnboombossen binnen de Canarische archipel. De pijnbomen met hun lange naalden spelen een zeer gelangrijke rol in de watervoorziening van het eiland. Door de noordoostpassaat worden gedurende het jaar vochtige wolkenmassa's aangevoerd, die het grote bosgebied soms in een mistlandschap veranderen. De naalden 'vegen' het vocht uit de wolken waardoor het op de bodem 'regent'. 


 

 

Gomera

 

Satellietopname van La Gomera. Dit eiland heeft net als Gran Canaria een ronde vorm. Het eiland vormt de boven water gelegen top van een zeer grote basaltische schildvulkaan die zich op de bodem van de Atlantische Oceaan in miljoenen jaren tijds heeft ontwikkeld. 

La Gomera, geografisch.


 

 

Gomera heeft min of meer dezelfde koepelvorm als Gran Canaria, maar het eiland is met zijn 375 km2 een stuk kleiner. Het hoogste punt, de Garajonay (1487m), ligt in het midden. Van daaruit lopen diepe barranco’s naar de kust. Het groene karakter van de barranco's met hier en daar nog oude laurierbossen maakt dat Gomera de laatste jaren voor natuurliefhebbers en wandelaars een populaire bestemming is geworden. Het eiland ontvangt meer vocht, waardoor La Gomera, zoals de eilanders het eiland noemen, een groener karakter heeft dan veel andere eilanden in de archipel. Vooral de valleien van Hermigua en Gran Rey zijn bij toeristen in trek.

 

De ontwikkeling van het toerisme ging lange tijd aan Gomera voorbij. Men kon met de ferry van Tenerfie een dagtocht naar het eiland maken inclusief een toer rond het eiland langs een aantal highlights, maar dat was het dan wel zo'n beetje. Sinds de aanleg van een vliegveld en de bouw van appartermentencomplexen komen er ieder jaaar meer toeristen. Toch is het geen eiland zoals Tenerife en Gran Canaria. Gomera is voor rustzoekers en vooral voor wandelaars en natuurliefhebbers. Op het eiland is nog relatief veel ongerepte Canarische natuur aanwezig.

 

Op verschillende plaatsen langs de kust zijn op geschikte plaatsen kleine appartementcomplexen gebouwd. La Gomera is dankzij een net van smalle wandelpaden ideaal om veel weandeluren te maken. 

Financiële steun van de Europese Unie maakte dat de bereikbaarheid van talloze plaatsen op de Canarische eilanden sterk werd verbeterd. Ook Gomera profiteerde hiervan. Smalle karrenpaden en slecht onderhouden verbindingswegen veranderden in goed berijdbare asfaltwegen. 

Vanuit het centrum van La Gomera stralen een groot aantal breder en dieper wordende ravijnen uit naar zee. Enkele van deze barranco's zijn bekend door het vele natuurschoon dat ze bieden, andere doordat ze van oudsher goede mogelijkheden boden om er een bestaan op te bouwen. De monding van Valle Gran Rey in het westen van Gomera is bekend om zijn groene karakter en zijn opvallend fraaie terrasbouw.

Roque de Agando steekt met zijn top 1251 meter boven de zeespiegel uit. Het is een lichtkleurige dome van fonoliet, die ontstaan is door stolling van magma in het bovenste deel van een vulkaan. Roque de Agando maakt deel uit van een aantal opvallende rotspunten die bekend staan als Los Roques. Ze liggen in centrale deel van La Gomera in de gemeente San Sebastian de La Gomera. Roque de Agando heeft de vorm van een suikerhoed en is met zijn 220 meter hoogte een van de opvallendste fonolietkoepels in dit gebied.

In het hoge midden van het eiland komen nog tamelijk grote restanten voor van het oorspronkelijke bostype dat op de meeste Canarische eilanden aanwezig was voordat de Spanjaarden op grote schaal bos gingen verbranden en kappen. Het is een oud Tertiair bostype dat vooral door laurieren wordt gedomineerd. De vochtige groeiomstandigheden veroorzaken dat stammen en takken bedekt zijn met mossen en korstmossen. Vooral de hangende baardmossen geven sommige delen van het bos een ietwat sinister aanzien, vooral als de wolken zo laag hangen dat het erg mistig is.

De uitmonding van Valle Gran Rey in de oceaan is opvallend vlak en groen. Hier vindt veel landbouw (bananen) plaats. Het mondingsgebied doet enigszins aan een delta denken. Het dankt zijn ontstaan aan de aanvoer en sedimentatie van verweringsmateriaal dat tijdens hevige regenbuien door afvloeiend regenwater van hogerop wordt aangevoerd.

 

Het natuurmonument Los organos aan de noordkust van La Gomera is uniek in zijn soort. Duizenden dicht opeenstaande basaltzuilen doen denken aan een enorme verzameling orgelpijpen. Het basaltklif is zo'n 200 meter breed en ca. 80 meter hoog. Wil men een een goed beeld van dit natuurfenomeen krijgen dan is een boottocht vanuit Valle Gran Rey onvermijdelijk. Het klif is alleen vanaf zee goed te bewonderen. De zuilenstructuur ontstond door stolling van een massieve laag basaltlava. Door verdere afkoeling van de gesteentemassa ontstond een heel gelijkmatig patroon van krimpscheuren, loodrecht op het afkoelingsvlak. Hieruit ontstond tenslotte deze typische zuilenstructuur. De huidige aanblik is het gevolg van miljoenen jaren lange verwering.


 

 

 

 

La Palma

 

La Palma, satellietfoto. Het meest opvallende landschapselement op het eiland is de grote Caldera de Taburiente. Van deze opvallende peervormige, kraterstructuur werd lang gedacht dat deze van vulkanische oorsprong was. Dit blijkt niet zo te zijn.

La Palma, geografisch.

 


 

La Palma ligt westelijk van Tenerife, op een afstand van ca. 119 km. Het eiland wordt wel ‘La Isla bonita’ (=het mooie eiland) genoemd, vanwege het groene karakter en de bijzonder milde temperatuur. Het eiland heeft een noord-zuid gerichte peervorm – met enige fantasie lijkt het op een prehistorische vuistbijl - en is 795 km2 groot. Het hoogste punt ligt in het noorden op de Roque de Los Muchachos (2423m). Ten zuiden daarvan bevindt zich het visitekaartje van La Palma, de beroemde Caldera de Taburiente. Deze vallei lijkt op een enorme vulkaankrater, maar dankt zijn vorm en grootte aan het afglijden van enorme massa's vulkanisch gesteente in het verleden.  
 

Santa Cruz de la Palma is de hoofdstad van het eiland. Het ligt aan een brede baai aan de oostkust. De huizen met de oranje daken op de voorgrond zijn recentelijk gebouwde vakantiehuizen. Ze zijn gebouwd in een klein keteldal iets boven Santa Cruz.

 

Pico Nambroque, een gedoofde vulkaantop in het natuurpark Cumbre Viejo op La Palma.

Het uitzicht vanaf de Pico Nambroque op het omliggende vulkaanlandschap van het Natuurpark Cumbre Viejo is hier en daar adembenemend mooi. De roestrode kleur van het landschap wordt veroorzaakt door oxidatie van uitgeworpen basaltisch vulkanisch materiaal. 

Op La Palma komt een van de mooiste laurierbossen van de Canarische archipel voor. In het bos Los Tilos valt jaarlijks ruim 1000mm neerslag, waardoor er zelfs, uniek voor de Canarische eilanden, watervallen voorkomen. De neerslag zorgt ook dat de vegetatie erg uitbundig is met tegen de hellingen een uitbundige begroeiing met veel opvallend grote varens.

Tazacorte ligt aan de westkust van hLa Palma op korte afstand van de uitmonding van de Barranco de las Angustias. Deze geeft toegang tot de imposante Caldera de Taburiente. De beschutte ligging maakt dat Tazacorte de warmste plek op het eiland is. Men heeft een lange wandelpromenade langs de kust aangelegd met daarlangs een fraai strand van zwart basaltzand.

 

 

Roque Los Muchachos gezien vanaf Roque Palmero - La Palma.

Roque Los Muchachos is met een hoogte van 2426 meter het hoogste punt op La Palma. Deze rotsformatie is tevens het hoogste punt van de kraterrand van Caldera de Taburiente. De achterzijde van Los Muchachos is minder indrukwekkend. Het geheel bestaat uit een hoogvlakte met een drietal karakteristieke rotspartijen. Deze rotsen deden de plaatselijke bevolking aan een drietal jongens denken. Vandaar de naam Los Muchachos (= De jongens.)

Vanaf de top op Roque Los Muchachos heeft men bij helder weer en weinig wolken een prachtige uitzicht. De eilanden Tenerife, La Gomera en El Hierro zijn dan goed zichtbaar. Het gebied van Los Muchachos is vanwege zijn heldere lucht en ligging zeer geschikt om astronomische waarnemingen te doen. Op korte afstand van elkaar heeft men op de hoogvlakte een aantal observatoria gebouwd.

 

Centraal op de foto ligt de vakantiebestemming Los Cancajos aan de oostkust van La Palma. Op een paar kilometer achter deze badplaats ligt in een baai Santa Cruz de la Palma, de hoofdstad van het eiland.

 

 

Over het midden van het eiland loopt van noord naar zuid een vulkanische bergkam, de Cumbre. Hierop bevinden zich een groot aantal vulkaankegels. Een aantal hiervan kwam in historische tijd nog tot uitbarsting. De westelijke ligging in de Atlantische Oceaan maakt dat La Palma van alle Canarische eilanden het meeste vocht ontvangt en daardoor het groenste eiland is. Het heeft als enige natuurlijk stromend water. In het natuurgebied Los Tilos en in de Caldera de Taburiente komen zelfs watervallen voor.

 

Caldera de Taburiente is het visitekaartje van La Palma. Lange tijd dacht men dat dit een echte caldera was die door heftige vulkaanerupties was ontstaan. De peervormige krater loopt, smaller wordend, uit in de Barranco de las Angustias. Nader geologisch onderzoek heeft uitgewezen dat het om een erosiekrater blijkt te gaan. Door zwaartekracht zijn in het geologisch verleden delen van het vulkaaneiland instabiel geworden, waarbij grote rotsmassa's in zee zijn afgegleden.

De grillige, steile rotswanden van Caldera de Taburiente bestaan geheel uit vulkanische gesteenten, voornamelijk van basaltische samenstelling. Vanaf verschillende punten heeft men een prachtig uitzicht op delen van de caldera.

Aan de voet van steil uit zee oprijzende, soms roestbruin en roodgekleurde basaltrotsen liggen bij Los Cancajos aan de oostkust van La Palma fraaie stranden met donker roodbruin basaltzand. 

Zuidelijk van de hoofdstand Santa Cruz ligt de vakantieplaats Los Cancajos omringd door hellingen die vrij dicht begroeid zijn met droogtebestendige planten, waaronder veel euphorbia's. 

 


 

 

El Hierro

 

El Hierro, satellietopname.

Het eiland bestaat in feite uit de samengegroeide restanten van drie afzonderlijke vulkanen. Bij heftige erupties in het verledenzijn telkens als gevolg van toenemende instabiliteit en zwaartekracht grote delen van het vulkaanlichaam in zee afgegleden. Hierbij ontstonden karakteristieke keteldalen als die van El Golfo in het noorden, Las Playas in het oosten en die van El Julan in het zuiden.

El Hierro, geografisch.



El Hierro is het meest westelijke eiland van de Canarische archipel. Met een grootte van 277 km2 is het ook het kleinste bewoonde eiland. Hierro is lang onbekend gebleven bij toeristen. Veel accomodaties waren er ook niet, maar daar heeft men inmiddels in voorzien, niet in de laatste plaats door de aanleg van een vliegveld. De eigenaardige vorm van het eiland is het gevolg van enorme uitbarstingen van een paar grote stratovulkanen in het verleden.  Bij deze erupties zijn caldera's ontstaan, die momenteel grotendeels onder water liggen. De samengegroeide calderaranden die boven water uitsteken, vormen in feite gezamenlijk het eiland. El Hierro is daarom enigszins te vergelijken met het Griekse eiland Santorini.


 

 

Cala de Tacoron, El Julan, aan de zuidkust van El Hierro. De steile rotsformatie, aan de voet omzoomd door een puinhelling van erosiemateriaal, is een oud opgeheven kustklif.

 

 

Tamaduste is een kleine plaats in het uiterste noordoosten van El Hierro. Het is in het bezit van een fraai strand. Het ligt tegen een oud opgeheven kustklif aan waarvan het basaltische gesteente op enkele plaatsen prachtige roestbruinrode kleuren vertoont.

Op Malpaso bij El Pinar, op ruim 1500 meter hoogte, is het goed wandelen. De passaatwolken reiken bijna tot de kam van het hooggelegen gebied op El Hierro.

In 2011 kwam het op El Hierro tot een eruptie van een onderzeese vulkaan. Behalve veel aardbevingen kleurde het zeewater voor de zuidkust bij La Restinga als gevolg van de uitbarsting. Ook borrelde er voortdurend veel gas naar boven.

Aan de rand boven El Golfo op El Hierro.  

Dit brede, gebogen keteldal markeert de plaats van een oude vulkaan die voor een belangrijk gedeelte door zwaartkracht is ingestort en in zee is afgegleden. Dergelijke massaverplaatsingen in zee veroorzaken vloedgolven die op de andere eilanden grote schade kunnen aanrichten. Tot voor kort was men bang dat op het eiland La Palma iets dergelijks op het punt stond te gebeuren. Geologen waren een tijdlang de mening toegedaan dat de westhelling van de Cumbre instabiel was geworden en dreigde weg te zakken. Dit laatste blijkt echter niet het geval te zijn.

 


 

Ondanks de geringe grootte is het eiland vulkanisch nog actief. In 2011 ontstond er onderzees voor de kust bij de plaats La Restinga een nieuwe vulkaan. Het ontstaan ervan werd begeleid door duizenden, meest kleine aardbevingen, die overigens tot op de dag van vandaag voortduren.

 

 

Las Playas vormt een prachtige groene baai aan de oostkant van El Hierro. Las Playas is een keteldal met 200 meter hoge rotswanden. Ook hier is in het verleden een flink stuk van het eiland onder invloed van zwaartekracht losgebroken en in zee afgegleden. 

De opvallende rotsformatie Roque de la Bonanza ligt aan de oostkust van El Hierro in de baai van Las Playas. Bij de Roque de la Bonanza liggen stranden met rood zand, natuurlijk ontstane zwembaden en rotsstranden.

Los letreros de El Julan. Aan de zuidkust heeft men petroglyphen (rotstekeningen) gevonden waarvan de betekenis niet duidelijk is. Wel is duidelijk dat de rotstekeningen door Guanchen zijn gemaakt. Dit waren de oorspronkelijke bewoners van de Canarische eilanden, voordat de eilanden door Spanjaarden werden veroverd.

Het openluchtmuseum Guinea op El Hierro.

Guinea vormt samen met de dorpen Las Montanetas en Albarrada de oudste nederzetting op El Hierro. Welk dorp echt de oudste is, is nog steeds niet uitgemaakt. Door het lokale bestuur zijn in Guinea alle oude, oorspronkelijke huizen herbouwd en hersteld. Samen vormen ze nu een openluchtmuseum. Behalve oude huizen heeft men in het museum allerlei soorten hagedissen die op het eiland voorkomen in terraria ondergebracht.

 

 




 

 

 
 
© 2010-heden Kijkeensomlaag.nl
Flag Counter